Citaat | Rechtbank Amsterdam 8 januari 2014

Onder 5.4. Rechtbank Amsterdam 8 januari 2014

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 8 januari 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:12.

Op grond van artikel 130 Rv is Luxembourg bevoegd haar eis te vermeerderen zolang nog geen eindvonnis is gewezen, tenzij er sprake is van strijd met de eisen van een goede procesorde. Daargelaten de vraag of Luxembourg ten tijde van het uitbrengen van de dagvaardingop de hoogte was van de verkoop aan Cafom, geldt dat Habitat in de gelegenheid is gesteld om te reageren op de eisvermeerdering en dat zij daarvan ook daadwerkelijk gebruikt heeft gemaakt. Verder geldt dat Luxembourg reeds bij dagvaarding een verklaring voor recht heeft gevorderd dat de franchiseovereenkomst een looptijd heeft tot en met 31 december 2015. Naar het oordeel van de rechtbank is in dat geval geen sprake van schending van de eisen van een goede procesorde. Evenmin is er sprake van schending van artikel 21 Rv. Cafom is immers geen partij bij de onderhavige overeenkomst, zodat niet valt in te zien dat Luxembourg gehouden was nadere informatie te verstrekken over haar relatie met Cafom. Uit het voorgaande volgt dat de eisvermeerdering zal worden toegestaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8dc9bc6014aa6a4a71b85434918eb885c7e852534c92d91c6dcbe996343bd6f2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8dc9bc6014aa6a4a71b85434918eb885c7e852534c92d91c6dcbe996343bd6f2, en de alinea staat in dat document op bytes 34676 tot 35734.