Citaat | Rechtbank Amsterdam 16 april 2014
Onder 4.3. Rechtbank Amsterdam 16 april 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 16 april 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:2292.
In het kader van haar toezichtsbevoegdheden kon (en kan) AFM gebruik maken van de bevoegdheden van artikel 5:15 (en verder) Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dit betekent dat zij inlichtingen kon (en kan) vorderen en inzage kon (en kan) vorderen in zakelijke gegevens en bescheiden. Op grond van artikel 48n (oud)Wte 1995 was AFM in het kader van de handhaving bevoegd tot het doen van een openbare kennisgeving. Zij was bevoegd – ten einde de naleving van de Wte 1995 te bevorderen – het feit dat degene die effecten aanbiedt en op wie het verbod van artikel 3 (oud) (of dat van artikel 7 (oud)) van toepassing was, in strijd met dat verbod handelde, ter openbare kennis te brengen. Blijkens de parlementaire geschiedenis was dit een discretionaire bevoegdheid. Daarnaast kon AFM in geval van overtreding van voormelde verboden op grond van artikel 48c (oud) Wte 1995 een bestuurlijke boete opleggen en dit publiceren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5eb8940e0a6227424eb58b6bae9d3d8a0d2c7334b8004747cd49360ff44ebe1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5eb8940e0a6227424eb58b6bae9d3d8a0d2c7334b8004747cd49360ff44ebe1a, en de alinea staat in dat document op bytes 83121 tot 84057.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5eb8940e0a6227424eb58b6bae9d3d8a0d2c7334b8004747cd49360ff44ebe1a | shasum -a 256