Citaat | Rechtbank Amsterdam 4 juni 2014
Onder 2.16. Rechtbank Amsterdam 4 juni 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 4 juni 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:3190.
De rechtbank volgt Eka en Kemira niet in hun verweer dat voor hen niet voorzienbaar was dat zij voor de Nederlandse rechter zouden kunnen worden opgeroepen. Gezien de aard van de verweten gedraging (deelname aan het in de beschikking aangeduide kartel) moet het voor elk van hen wel degelijk voorzienbaar zijn geweest dat zij konden worden opgeroepen voor een gerecht in een lidstaat waarin een van de mede-geadresseerden van de beschikking woonplaats heeft. Hierbij neemt de rechtbank in aanmerking de voorshands onvoldoende weersproken stelling van CDC dat in de markt steeds voldoende bekend is geweest dat Akzo de moedermaatschappij is van Eka. CDC stelt in het bijzonder dat de naam AkzoNobel op de fakturen van Eka, boven de naam Eka, staat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18b162e2948ca05ae99b97d6a670853a7327338af2106018e3c769b1b406a835. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18b162e2948ca05ae99b97d6a670853a7327338af2106018e3c769b1b406a835, en de alinea staat in dat document op bytes 25013 tot 25774.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/18b162e2948ca05ae99b97d6a670853a7327338af2106018e3c769b1b406a835 | shasum -a 256