Citaat | Rechtbank Amsterdam 4 juni 2014

Onder 2.22. Rechtbank Amsterdam 4 juni 2014

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 4 juni 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:3190.

In het tussenvonnis is overwogen dat in de meeste door Akzo c.s. ingeroepen bedingen standaardformuleringen zijn gebruikt die in commerciële transacties gangbaar zijn, kort gezegd inhoudende dat alle geschillen “uit hoofde van of in verband met” de betreffende overeenkomst aan het gekozen forum moeten worden voorgelegd. Een ruime formulering alleen is echter niet zonder meer voldoende om de zaak naar het overeengekomen forum dan wel arbitrage te verwijzen. Een band met de overeenkomst is, zoals hiervoor met betrekking tot de forumkeuzes overwogen, en zoals ook volgt uit de bewoordingen van de forumkeuzes en de arbitragebedingen, vereist. Anders dan Akzo c.s. betogen, is naar het oordeel van de rechtbank de reikwijdte van de forumkeuze- en arbitragebedingen niet zo ruim dat deze ook (vorderingen uit hoofde van) mededingingsrechtelijke inbreuken, zoals aan de vordering jegens Akzo c.s. in de hoofdzaak ten grondslag zijn gelegd, bestrijken. De mededingingsrechtelijke inbreuken hielden, zo stelt CDC onder verwijzing naar de beschikking, in dat Eka en Kemira de natriumchloraatmarkt hebben vervalst doordat zij hebben deelgenomen aan een kartel met het oog op de verdeling van de natriumchloraatmarkt door verkoopvolumes toe te wijzen en de prijzen van het product op de EER-markt vast te stellen en/of in stand te houden. De deelnemers aan het kartel zouden volgens CDC ook informatie hebben uitgewisseld om de tenuitvoerlegging van de afspraken te vergemakkelijken en/of te controleren en hadden een strategie die erin bestond de natriumchloraatmarkt te stabiliseren, om uiteindelijk de verkoopvolumes voor natriumchloraat onder elkaar te kunnen verdelen, het prijsbeleid ten opzichte van de klanten te coördineren en zo de marges te maximaliseren. Voorshands uitgaande van de juistheid van dit verwijt, dat door CDC aan de hand van de beschikking voorshands voldoende is toegelicht, kan naar het oordeel van de rechtbank niet worden gezegd dat Eka en Kemira, gelet op de tekst van de bedingen en de zakelijke ervaring die zij en hun afnemers hebben, redelijkerwijs uit de bedingen hebben mogen afleiden dat geschillen over dit verwijt aan het gekozen forum dan wel aan arbitrage moeten worden onderworpen. Eka en Kemira hebben immers redelijkerwijs uit de bedingen niet mogen afleiden dat dergelijke verwijten voortvloeien uit of verband houden met de overeenkomsten. De afnemers behoefden voorshands redelijkerwijs, gelet op de tekst van de bedingen, niet erop bedacht te zijn dat geschillen over een dergelijk (heimelijk) handelen van hun leveranciers in het gekozen forum of in arbitrage zouden moeten worden beslecht. Relevante concrete uitlatingen of gedragingen, anders dan de tekst van de bedingen, zijn niet gesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18b162e2948ca05ae99b97d6a670853a7327338af2106018e3c769b1b406a835. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18b162e2948ca05ae99b97d6a670853a7327338af2106018e3c769b1b406a835, en de alinea staat in dat document op bytes 30781 tot 33539.