Citaat | Rechtbank Amsterdam 3 juli 2014
Onder 15.11.2. Rechtbank Amsterdam 3 juli 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 3 juli 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:3888.
De rechtbank onderkent dat voor veel Amsterdammers Zwarte Piet een sprookjesfiguur uit de kindertijd is. Dit neemt niet weg dat gelet op het standpunt van het College, de uitkomst van het onderzoek van het Bureau Onderzoek en Statistiek en hetgeen eisers hebben aangevoerd, zoals vermeld in overweging 15.5, aannemelijk is dat de figuur van Zwarte Piet in de vorm zoals geschetst in overweging 15.8 bij zwarte mensen tot gevoelens van minderwaardigheid leidt en daarmee tot een negatieve stereotypering van de zwarte mens. Met name de rol van knecht en het uiterlijk en het gedrag van Zwarte Piet leiden immers tot het beeld dat zwarte mensen ondergeschikt en dom zijn. De rechtbank wijst er in dit verband op dat verweerder blijkens het bestreden besluit ook deze mening is toegedaan. Volgens verweerder moet Zwarte Piet blijven, maar moet Zwarte Piet steeds minder zwart en minder knecht worden. Krompraat, kroeshaar, dikke lippen, oorringen en onderdanigheid bevestigen de door menigeen gevoelde band met slavernij en zijn daarom te vermijden, aldus verweerder.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d060cd5acb23a1dd575218c6584a03d5792deb9ff3ff328cc493a5b91e125fc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d060cd5acb23a1dd575218c6584a03d5792deb9ff3ff328cc493a5b91e125fc6, en de alinea staat in dat document op bytes 44440 tot 45518.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d060cd5acb23a1dd575218c6584a03d5792deb9ff3ff328cc493a5b91e125fc6 | shasum -a 256