Citaat | Rechtbank Amsterdam 18 augustus 2014

Onder 7.3. Rechtbank Amsterdam 18 augustus 2014

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 18 augustus 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:5329.

De rechtbank zal de vordering tot gevangenneming van verdachte afwijzen. In een eerder stadium heeft de rechtbank onvoldoende gronden aanwezig geacht de voorlopige hechtenis van verdachte te laten voortduren, ook omdat uitgangspunt bij de behandeling van een strafzaak is en na de onderhavige veroordeling blijft dat een verdachte zijn onherroepelijke berechting in vrijheid kan afwachten. Dit veroordelende vonnis maakt dat niet anders. Ook is de op te leggen straf niet van die orde dat deze op zichzelf tot het een nieuw bevel tot voorlopige hechtenis noopt. Daarbij weegt de rechtbank het aanzienlijke tijdsverloop mee, dat overigens niet aan het openbaar ministerie is te wijten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22d54c3aa69f6659ca1ec002f8f48b6cd787ae52694868a8800fa7fe65e2f324. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22d54c3aa69f6659ca1ec002f8f48b6cd787ae52694868a8800fa7fe65e2f324, en de alinea staat in dat document op bytes 48888 tot 49621.