Citaat | Rechtbank Amsterdam 16 januari 2014
Onder 4.3. Rechtbank Amsterdam 16 januari 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 16 januari 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:571.
Door de AFM had nooit een prospectusverplichting mogen worden opgelegd, aangezien geen sprake was van beleggingen maar van de verkoop van een product en dus van omzet. Verdachte heeft slechts een conceptprospectus aan de AFM gestuurd die hij onder druk van de omstandigheden op zeer korte termijn moest produceren. Om die reden kan geen sprake zijn van opzettelijke fouten in het prospectus die als valsheid in geschrift kunnen worden aangemerkt. Bovendien is het prospectus niet geschreven tot het bewijs van enig feit te dienen, maar slechts om te voldoen aan de eisen van de Wft. Daarom dient verdachte van het onder 3 ten laste gelegde te worden vrijgesproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/904b477b9cbdd9878302de64f6f0face2bf4812eff4c250e67dfbdb102586e9a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 904b477b9cbdd9878302de64f6f0face2bf4812eff4c250e67dfbdb102586e9a, en de alinea staat in dat document op bytes 44084 tot 44762.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/904b477b9cbdd9878302de64f6f0face2bf4812eff4c250e67dfbdb102586e9a | shasum -a 256