Citaat | Rechtbank Amsterdam 4 juli 2014

Onder 7. Rechtbank Amsterdam 4 juli 2014

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 4 juli 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:5783.

In artikel 7:690 BW is bepaald dat de uitzendovereenkomst de arbeidsovereenkomst is waarbij de werknemer door de werkgever, in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van de werkgever ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens een door deze aan de werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde. De wetgever heeft daarover in de memorie van toelichting (Tweede Kamer, vergaderjaar 1996-1997, 25263 , nr. 3) onder andere het volgende overwogen: “(…) De bijzondere regeling van de uitzendovereenkomst geldt alleen voor die werkgevers die daadwerkelijk een allocatiefunctie op de arbeidsmarkt vervullen, dus die in het kader van de uitoefening van hun beroep of bedrijf arbeidskrachten ter beschikking stellen aan derden. Het incidenteel in voorkomende gevallen ter beschikking stellen van arbeidskrachten door werkgevers die in feite geheel andersoortige beroeps- of bedrijfsactiviteiten hebben kan derhalve niet onder het regiem van de uitzendovereenkomst worden gebracht. (…) De voorgestelde regeling voor de uitzendovereenkomst heeft niet alleen betrekking op de thans in de praktijk voorkomende uitzendrelatie, maar omvat ook alle andere driehoeksarbeidsrelaties, waarbij de werknemer in de uitoefening van het bedrijf of beroep van de werkgever aan een derde ter beschikking wordt gesteld, om onder leiding en toezicht van die derde arbeid te verrichten. (…)”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6592a5e60faa976356c27b8c5ee165ced610558ef34048d2cebcbf04f428eeb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6592a5e60faa976356c27b8c5ee165ced610558ef34048d2cebcbf04f428eeb, en de alinea staat in dat document op bytes 20195 tot 21652.