Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 september 2014
Onder 6. Rechtbank Amsterdam 22 september 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 september 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:6356.
Voorts wordt overwogen dat niet in geschil is dat TMI bedrijfsmatig werknemers ter beschikking stelt aan derden. TMI is echter van oordeel dat geen sprake is van een uitzendovereenkomst, nu de werkzaamheden niet onder leiding en toezicht van de derde worden verricht. Het werkgeversgezag is bij haar blijven berusten, aldus TMI. Maar ook deze stelling van TMI moet worden gepasseerd. Hoewel een deel van het werkgeversgezag over de werknemer - zoals de beoordeling, vakantie en ziekte - onmiskenbaar bij TMI is gebleven, is een relevant deel van de instructiebevoegdheid aan de inlener overgedragen. Deze geeft immers de dagelijkse leiding aan, en houdt toezicht op de werknemer, die hetzelfde werk verricht als de werknemers van de opdrachtgever met een gelijke opleiding en van een gelijk niveau. In dit verband is het bepaalde in artikel 4 en artikel 11 van de raamovereenkomst illustratief. Er wordt daarbij geen specifieke kennis of een resultaat ‘ingekocht’, maar louter arbeids-kracht. Dat de medewerkers geworven worden naar aanleiding van een bestaande vacature doet hier niet aan af.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78cbb82aa9d8fbf680735c7ccce39b24d253dd8d08140dc12fa955817f514024. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78cbb82aa9d8fbf680735c7ccce39b24d253dd8d08140dc12fa955817f514024, en de alinea staat in dat document op bytes 13722 tot 14834.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/78cbb82aa9d8fbf680735c7ccce39b24d253dd8d08140dc12fa955817f514024 | shasum -a 256