Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 december 2014

Onder 4.3.2 Rechtbank Amsterdam 2 december 2014

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 december 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:8273.

Ten aanzien van de opgevraagde antecedenten van verdachte overweegt de rechtbank dat het hebben van een strafblad op zichzelf onvoldoende is voor een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit. Bovendien volgt uit het proces-verbaal niet welk strafbaar feit de verbalisanten op het oog hadden toen zij hoorden dat verdachte antecedenten had voor mishandeling, woningoverval, oplichting, diefstal en inbraak. Dat achteraf is gebleken dat de doorgegeven antecedenten niet klopten en verdachte wel eerder was veroordeeld voor een opiumwetdelict, was de verbalisanten op dat moment niet bekend en kan derhalve niet hebben bijgedragen aan het redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/68e60bea64925765fc52ba3bdc0f18b5e1c594e0c45a452359d05be0525a714f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 68e60bea64925765fc52ba3bdc0f18b5e1c594e0c45a452359d05be0525a714f, en de alinea staat in dat document op bytes 23642 tot 24358.