Citaat | Rechtbank Amsterdam 10 december 2014
Onder 4.2 Rechtbank Amsterdam 10 december 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 10 december 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:8334.
Eiseres 2 voert aan dat het primaire besluit van 17 september 2013 pas op 30 oktober 2013 door verweerder op de juiste wijze bekend is gemaakt. Ze stelt zich op het standpunt dat verweerder de verzending van het primaire besluit onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt. Eiseres 2 heeft diverse andere keren ervaren dat de verzending van besluiten door verweerder niet juist verloopt. Zo zijn op 2 april 2014 op haar kantoor 14 besluiten van verweerder ontvangen, waarvan enkel het eerste besluit was gericht aan een van haar kantoorgenoten. Op 2 juli 2014 heeft eiseres 2 hiervan schriftelijk melding gemaakt bij verweerder, evenals van het regelmatig niet ontvangen van besluiten. Bij brief van 14 juli 2014 heeft verweerder erkend dat er in de door eiseres 2 genoemde periode (april en juni 2014) fouten zijn gemaakt bij de postverzending van verzamelpost voor de advocaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc5d55085260b3f847901e32a9e9bbf76507be1271e7d7a5cacf3340dd0d70fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc5d55085260b3f847901e32a9e9bbf76507be1271e7d7a5cacf3340dd0d70fa, en de alinea staat in dat document op bytes 8203 tot 9091.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc5d55085260b3f847901e32a9e9bbf76507be1271e7d7a5cacf3340dd0d70fa | shasum -a 256