Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 december 2014

Onder 2.6. Rechtbank Amsterdam 19 december 2014

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 december 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:8731.

3. [eiseres] stelt hiertoe - kort samengevat - dat een dringende reden voor het ontslag ontbreekt. [eiseres] stelt dat als reden voor het ontslag op staande voet is vermeld dat zij de vijftig cent die zij van een klant voor het gebruik van de wc in ontvangst had genomen in haar zak zou hebben gestoken. Op de bewuste dag heeft [eiseres] vijftig cent voor wc-gebruik aangenomen. Omdat er geen kassa binnen handbereik was en omdat [eiseres] druk bezig was met werkzaamheden aan de barinstallatie heeft zij deze munt in haar broekzak gestoken. Dat zij het oogmerk had om zich dit muntstuk toe te eigenen is nergens op gebaseerd en kan niet uit haar handelen worden afgeleid. Bovendien, zelfs indien het handelen van [eiseres] zou kunnen worden beschouwd als verduistering of diefstal dan is een ontslag op staande voet een onevenredig zware sanctie. [eiseres] stelt voorts dat zij de e-mail van 26 september 2014 van Buon Giorno niet heeft ontvangen. Voor zover Buon Giorno aan het ontslag andere redenen ten grondslag wil leggen dan zoals medegedeeld op 25 september 2014 kan dat niet slagen omdat die redenen dan niet onverwijld zijn medegedeeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7668a56bc9f062cc464c8657525449061e34fdce69ac3eb42ffdfe99d1aa02f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7668a56bc9f062cc464c8657525449061e34fdce69ac3eb42ffdfe99d1aa02f0, en de alinea staat in dat document op bytes 13952 tot 15138.