Citaat | Rechtbank Amsterdam 24 december 2014
Onder 4.20. Rechtbank Amsterdam 24 december 2014
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 24 december 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:8733.
De rechtbank overweegt dat nabootsing van een stoffelijk product dat niet (langer) wordt beschermd door een absoluut recht van intellectuele eigendom, in beginsel weliswaar vrijstaat, maar dat dit beginsel uitzondering lijdt wanneer door die nabootsing verwarring bij het publiek valt te duchten en de nabootsende concurrent tekortschiet in zijn verplichting om bij dat nabootsen alles te doen wat redelijkerwijs, zonder afbreuk te doen aan de deugdelijkheid of bruikbaarheid van zijn product, mogelijk en nodig is om te voorkomen dat door gelijkheid van beide producten gevaar voor verwarring ontstaat. Om tegen onnodig verwarring wekkende nabootsing te worden beschermd, moet het nagebootste product een zeker onderscheidend vermogen, een eigen plaats op de markt hebben, zonder dat is vereist dat het product nieuw of oorspronkelijk is of een belangrijk sier- of fantasie-element bevat. Voor de beoordeling van het verwarringsgevaar is het uitgangspunt de totale indruk die bepalend is voor het product en de beschouwing daarvan door het kopende publiek. Het gaat erom dat het nagebootste product zich naar zijn uiterlijke verschijningsvorm onderscheidt van andere gelijksoortige producten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a619b526a45213ab6a97de1ac56125a0a035a4f343f6b48440989a96a32b5df. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a619b526a45213ab6a97de1ac56125a0a035a4f343f6b48440989a96a32b5df, en de alinea staat in dat document op bytes 47552 tot 48759.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8a619b526a45213ab6a97de1ac56125a0a035a4f343f6b48440989a96a32b5df | shasum -a 256