Citaat | Rechtbank Amsterdam 26 februari 2015
Onder 4.4. Rechtbank Amsterdam 26 februari 2015
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 26 februari 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:1074.
Anders geldt voor de brieven die door mr. Knol namens [verzoeker] aan ICS zijn verstuurd. De eerste brief van mr. Knol aan ICS is gedateerd 18 april 2014. Deze brief kan niet zonder meer als een verzoek als bedoeld in artikel 36 lid 1 Wbp worden aangemerkt, omdat de inhoud en strekking van de brief daarvoor onvoldoende eenduidig is. Weliswaar wordt in de brief betoogd dat ICS de negatieve registratie moet verwijderen, maar verzocht wordt veeleer dat ICS de belangen van [verzoeker] laat meewegen en dat ICS onderbouwt waarom ICS de codering in stand houdt dan wel verwijdert. Daarmee ziet het verzoek niet op de verwerkte persoonsgegevens, hetgeen voor de toepassing van art 36 lid 1 Wbp wel is vereist, maar op de beslissing tot verwerking daarvan. Het feit dat ICS de eerste brief van mr. Knol wel als een dergelijk verzoek heeft geïnterpreteerd en [verzoeker] die brief ook als zodanig had bedoeld, zoals kan blijken uit de inhoud van de afwijzende reactie van ICS van 25 april 2014 en uit de zinsnede “hierbij nogmaals” in de na te bespreken brief van mr. Knol van 5 mei 2014, maakt dat niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6820db912f6fa11049e0a7aa3e62a95f5a90ce841457f25bea5f1a8be3a45867. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6820db912f6fa11049e0a7aa3e62a95f5a90ce841457f25bea5f1a8be3a45867, en de alinea staat in dat document op bytes 17313 tot 18474.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6820db912f6fa11049e0a7aa3e62a95f5a90ce841457f25bea5f1a8be3a45867 | shasum -a 256