Citaat | Rechtbank Amsterdam 26 februari 2015
Onder 4.6. Rechtbank Amsterdam 26 februari 2015
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 26 februari 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:1074.
De rechtbank verwerpt het verweer van [verzoeker] dat de termijn ex art 46 lid Wbp eerst aanving na de op de brief van [verzoeker] van 17 juli 2014 gevolgde afwijzende reactie van ICS van 6 augustus 2014. Dit verweer ziet er aan voorbij dat in de wettelijke regeling er in is voorzien dat door de verantwoordelijke niet of niet tijdig wordt gereageerd op een verzoek, waardoor van rechtswege de termijn voor het indienen van een verzoekschrift gaat lopen. Dat de belanghebbende de termijn voor het indienen van een verzoekschrift zou kunnen verlengen door na afloop van de antwoordtermijn van de verantwoordelijke een rappel te sturen waardoor telkens een nieuwe termijn zou aanvangen is, als strijdig met de rechtszekerheid en een goede procesorde, onaanvaardbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6820db912f6fa11049e0a7aa3e62a95f5a90ce841457f25bea5f1a8be3a45867. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6820db912f6fa11049e0a7aa3e62a95f5a90ce841457f25bea5f1a8be3a45867, en de alinea staat in dat document op bytes 19690 tot 20469.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6820db912f6fa11049e0a7aa3e62a95f5a90ce841457f25bea5f1a8be3a45867 | shasum -a 256