Citaat | Rechtbank Amsterdam 15 januari 2015

Alinea 26 Rechtbank Amsterdam 15 januari 2015

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 15 januari 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:147.

8. De rechtbank overweegt dat naar vaste jurisprudentie bij de beoordeling voorop staat dat verweerder beoordelingsvrijheid toekomt bij het beantwoorden van de vraag of een object als monument in de zin van de Erfgoedverordening kan worden aangemerkt. Daaruit volgt dat de rechtbank de aanwijzing door verweerder van de KAV-garage als monument terughoudend dient te toetsen en dat het aan eiseres is om aannemelijk te maken dat de aan die aanwijzing ten grondslag gelegde redengevende beschrijving en de adviezen, naar inhoud of wijze van totstandkoming zodanige gebreken vertonen dat verweerder zich daarop niet zonder nader onderzoek mocht baseren. Indien de rechtbank tot de conclusie komt dat verweerder zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat sprake is van een monumentaal object, is van belang dat verweerder naar vaste jurisprudentie beleidsvrijheid toekomt bij de aanwijzing van monumentwaardige panden als gemeentelijk monument. Daarom dient vervolgens te worden beoordeeld of verweerder na afweging van de betrokken belangen in redelijkheid tot het aanwijzen van de KAV-garage als monument heeft kunnen besluiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18bf752ce44d0dd4fdc38bc21c72fb7f7c7f6c04239b5293cdf480fc9664a6d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18bf752ce44d0dd4fdc38bc21c72fb7f7c7f6c04239b5293cdf480fc9664a6d8, en de alinea staat in dat document op bytes 11357 tot 12516.