Citaat | Rechtbank Amsterdam 19 februari 2015

Onder 4.1 Rechtbank Amsterdam 19 februari 2015

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 19 februari 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:1476.

Dexia stelt dat zij zich ziet geconfronteerd met de situatie dat [gedaagde] een vordering op haar pretendeert, dat [gedaagde] de verjaring van die vordering heeft gestuit, maar dat [gedaagde] niet inhoudelijk motiveert waarom zij meent een vordering op Dexia te hebben. Dexia meent daarom er recht en belang bij te hebben dat in rechte wordt vastgesteld dat [gedaagde] geen vordering heeft in verband met de tussen hen gesloten overeenkomst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6a72dcc3c4eb60e6a0d58369a185bfc7e541c03b94e48cc02af78f5737b9e039. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6a72dcc3c4eb60e6a0d58369a185bfc7e541c03b94e48cc02af78f5737b9e039, en de alinea staat in dat document op bytes 13900 tot 14369.