Citaat | Rechtbank Amsterdam 25 maart 2015

Onder 3.2. Rechtbank Amsterdam 25 maart 2015

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 25 maart 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:1780.

SCC legt aan haar vordering, samengevat, het volgende ten grondslag. De luchtvaartmaatschappijen hebben in de relevante periode 2000 - 2006 verboden prijsafspraken gemaakt. Zij maakten deel uit van een wereldwijd kartel dat de introductie, handhaving en toepassing van een brandstoftoeslag en andere toeslagen voor goederenvervoer door de lucht tot doel had (hierna: het kartel). Diverse luchtvaartmaatschappijen hebben inmiddels in nationale procedures (Australië, Brazilië, Zuid-Afrika, Amerika, Canada, Zuid-Korea) erkend dat zij betrokken zijn geweest bij het kartel. De Europese Commissie heeft in haar persbericht bevestigd dat er sprake is van een internationaal kartel en van onderlinge contacten om ervoor te zorgen dat internationale luchtvrachtbedrijven voor alle zendingen een vaste toeslag per kilo berekenden. Een groot aantal partijen heeft schade geleden door de activiteiten van het kartel, onder meer door de brandstoftoeslag die door de kartelleden in rekening werd gebracht boven de ‘ base rate ’ voor luchtvrachtdiensten. Deze kosten kwamen ten laste van de afzenders van goederen, die al dan niet door tussenkomst van expediteurs luchtvrachtdiensten hebben afgenomen. Een aantal afzenders (hiervoor en hierna: de shippers ) heeft vorderingen met betrekking tot het kartel overgedragen aan SCC, als vermeld in de als productie 32 bij dagvaarding overgelegde overdrachtsakten. Zowel in het geval dat de shippers rechtstreeks met de luchtvaartmaatschappijen hebben gecontracteerd als in het geval dat de shippers en de luchtvaartmaatschappijen gebruik hebben gemaakt van een expediteur, zijn de volledige toeslagen bij de shippers in rekening gebracht en door hen betaald. Voornoemde handelwijze is in strijd met het kartelverbod als neergelegd in onder meer (thans) artikel 101 VWEU (voorheen artikel 85 respectievelijk artikel 81 EG-verdrag), artikel 6 Mededingingswet en de mededingingswetgeving van andere landen buiten de EU alsmede onrechtmatig in de zin van de artikelen 6:162 BW en 6:163 BW. De shippers hebben hun vorderingen overgedragen aan SCC. De in deze procedure gevorderde schade betreft de aan de shippers opgelegde toeslagen. Voor wat betreft de brandstoftoeslag is in ieder geval schade geleden van ruim € 245 miljoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9da90e13273bd80b037b321fddb30ef4d5d83d2a1837853f57f6acf6feabed5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9da90e13273bd80b037b321fddb30ef4d5d83d2a1837853f57f6acf6feabed5e, en de alinea staat in dat document op bytes 18089 tot 20609.