Citaat | Rechtbank Amsterdam 20 april 2015

Onder 4.5.4 Rechtbank Amsterdam 20 april 2015

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 20 april 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:2280.

De rechtbank stelt vast dat [medeverdachte] beperkt heeft meegewerkt aan de gedragskundige rapportage. Bij het testpsychologisch onderzoek waren er vermoedens van onderpresteren, nu ze de meest eenvoudige woorden niet zei te begrijpen terwijl ze die in het gesprek wel adequaat hanteerde. Het resultaat van het intelligentieonderzoek was lager dan de indruk in het contact. De psycholoog concludeert tot een lichte verstandelijke beperking. Voor matige zwakzinnigheid zijn geen aanwijzingen omdat [medeverdachte] dan ook niet zelfstandig een huishouden zou kunnen voeren. Er worden geen aanwijzingen gevonden voor cognitief disfunctioneren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a3854bfd66b2e9a71369dd4bdfb5f9919905982ea46b3acaf1b5ecf989f6906. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a3854bfd66b2e9a71369dd4bdfb5f9919905982ea46b3acaf1b5ecf989f6906, en de alinea staat in dat document op bytes 52260 tot 52978.