Citaat | Rechtbank Amsterdam 13 mei 2015
Onder 4.2. Rechtbank Amsterdam 13 mei 2015
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 13 mei 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:3017.
De rechtbank stelt in dit verband het volgende voorop. Binck heeft aan [eiser] een beleggingsdienst verleend, waarbij [eiser] als particuliere klant op execution-only basis via Binck kon beleggen in - onder meer - opties. Anders dan bij een advies- of vermogensbeheerdienst het geval is, hoeft Binck bij een dergelijke execution-only dienstverlening geen cliëntenprofiel op te stellen. Wel is Binck als financiële dienstverlener op grond van de per 1 januari 2007 in werking getreden Wft wettelijk verplicht om informatie in te winnen over de kennis en ervaring van de consument met betrekking tot de desbetreffende financiële dienst, zodat zij kan beoordelen of deze dienst passend voor hem is (artikel 4:24 lid 1 Wft, zoals luidend per 1 november 2007). Indien de financiële dienstverlener (in casu dus Binck) van oordeel is dat dit laatste niet het geval is, dient zij de consument voor de niet-passendheid te waarschuwen, aldus art. 4:24 lid 2 Wft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33e52e2fe6092b07a86ec16f8791fc2ed0832cab8665ad139e19b166a1eecc32. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33e52e2fe6092b07a86ec16f8791fc2ed0832cab8665ad139e19b166a1eecc32, en de alinea staat in dat document op bytes 38176 tot 39146.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/33e52e2fe6092b07a86ec16f8791fc2ed0832cab8665ad139e19b166a1eecc32 | shasum -a 256