Citaat | Rechtbank Amsterdam 22 april 2015
Onder 4.2. Rechtbank Amsterdam 22 april 2015
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 22 april 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:3657.
Onderzocht moet worden of Rabobank jegens CIA de zorg in acht heeft genomen die in de gegeven omstandigheden van haar mocht worden verwacht. Daartoe overweegt de rechtbank het volgende. Aan het onderhavige renderivaat zijn aanzienlijke risico’s verbonden, daar de looptijd van het rentederivaat niet overeenkomt met de looptijd van de onderliggende financiering. Het rentederivaat heeft daardoor voor de resterende looptijd (in beginsel) een speculatief karakter. Indien na het afsluiten van het rentederivaat de kapitaalmarktrente sterk daalt, hetgeen het geval was door de financiële crisis die zich vanaf eind 2008 ontspon, ontwikkelt deze een negatieve waarde. Beëindiging van de transactie voor het einde van de looptijd van het rentederivaat leidt in een dergelijk geval tot (hoge) kosten die voor rekening van de klant komen. Als het rentederivaat in stand wordt gelaten, terwijl de onderliggende financiering inmiddels is geëindigd, zal dit voor de klant met name bij een dalende Euribor-rente grote nadelige financiële gevolgen hebben. De klant dient dan namelijk tot aan het einde van de looptijd de vaste rente aan de bank te betalen, terwijl de bank een steeds lager bedrag aan variabele rente aan de klant betaalt en de klant zodoende per saldo steeds meer moet bijbetalen. Dit brengt met zich dat op Rabobank als ter zake deskundige bank tegenover CIA bij de totstandkoming van de transactie in ieder geval de (algemene zorg)plicht rustte om CIA voorafgaand aan het sluiten van de transactie in voldoende mate te informeren over het aangeboden product, de mogelijke gevolgen en de hierboven weergegeven specifieke risico’s van het afsluiten van de transactie. De omvang van die informatieplicht hangt af van de omstandigheden van het geval, waarbij een rol spelen de deskundigheid en relevante ervaring van CIA (en [naam 1]), de ingewikkeldheid van het desbetreffende product en de aan het product verbonden risico’s. Van iedere ondernemer, maar zeker van een grote professionele projectontwikkelaar en belegger in vastgoed als CIA (althans [naam 1]), mag vervolgens worden verwacht dat zij kennis neemt van de met betrekking tot de transactie verstrekte informatie en dat zij, indien zij die niet begrijpt of daarover nog aanvullende vragen heeft, zich tot de bank wendt om zich nader te laten informeren voordat zij besluit de transactie aan te gaan. In het licht hiervan is de discussie die tussen partijen in deze procedure is gevoerd over de vraag of CIA ([naam 1]) zich ook ten tijde van het aangaan van de transactie al liet bijstaan door deskundige adviseurs, voor de beoordeling niet relevant.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec4e4389a3c989b0a2f0e5cc9d239519a4fe7dd8418b46ea3c4d3cce8a2808b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec4e4389a3c989b0a2f0e5cc9d239519a4fe7dd8418b46ea3c4d3cce8a2808b5, en de alinea staat in dat document op bytes 59314 tot 61953.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec4e4389a3c989b0a2f0e5cc9d239519a4fe7dd8418b46ea3c4d3cce8a2808b5 | shasum -a 256