Citaat | Rechtbank Amsterdam 10 december 2015
Onder 9.3.18. Rechtbank Amsterdam 10 december 2015
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 10 december 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:8799.
Ten aanzien van de media-aandacht waar door de verdediging op is gewezen, acht de rechtbank aannemelijk dat alle media-aandacht rondom de persoon van de verdachte en de daarin reeds verwerkte oordelen, een zware wissel hebben getrokken op verdachte en zijn privéleven. Tegelijkertijd ziet de rechtbank de media-aandacht voor deze zaak evenwel als een kennelijk onvermijdelijk en bovendien van een eigen dynamiek voorzien fenomeen dat zich bij uitstek in zaken met een zekere impact voordoet. In het geval van de verdachte is het niet onbegrijpelijk dat de verantwoordelijke maatschappelijke positie die hij ten tijde van de door hem gepleegde feiten bekleedde en de bekendheid van de instelling waarvoor hij werkzaam was, aandacht trekkende aspecten zijn. Daarbij wordt voorts aangetekend dat verdachte ook – kennelijk – zelf niet afwijzend heeft gestaan ten opzichte van incidentele media belangstelling. Overigens dient te worden opgemerkt dat van de zijde van het Openbaar Ministerie met grote terughoudendheid met die mediabelangstelling is omgegaan. De rechtbank zal derhalve de media-aandacht voor de zaak tegen verdachte niet in strafmatigende zin meewegen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33, en de alinea staat in dat document op bytes 148522 tot 149704.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33 | shasum -a 256