Citaat | Rechtbank Amsterdam 10 december 2015

Onder 4.2.1. Rechtbank Amsterdam 10 december 2015

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 10 december 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:8799.

De keuzemogelijkheid om of naar waarheid verklaren of te weigeren te verklaren, is verdachte niet voorgelegd. Daarbij komt dat niet alleen de eerste optie maar ook de tweede optie het risico op een strafrechtelijke vervolging mee brengt. Indien de enquêtecommissie volhardt in de vraag en de getuige volhardt in zijn weigering te verklaren, kan gijzeling volgen en loopt de getuige het substantiële risico op strafvervolging wegens schending van de getuigplicht. Bovendien is het de vraag of een weigering een vraag te beantwoorden met verwijzing naar een belastend antwoord daarop, feitelijk niet evenzeer een bevestigend antwoord op de vraag is. De ‘bescherming’ die artikel 30 van de Wet op de parlementaire enquête 2008 (WPE) biedt , is een schijnzekerheid. Dat die verklaring van het bewijs wordt uitgesloten, sluit niet uit dat een publieke bekentenis anderszins een rol kan spelen in een strafzaak bijvoorbeeld in de rechterlijke overtuiging. De keuzemogelijkheid van verdachte was de facto geheel afwezig, waardoor hij in een dwangpositie is geplaatst. Verdachte heeft aldus in een overmachtssituatie verkeerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33, en de alinea staat in dat document op bytes 16035 tot 17208.