Citaat | Rechtbank Amsterdam 10 december 2015

Onder 4.2.1. Rechtbank Amsterdam 10 december 2015

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 10 december 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:8799.

Het arrest van de Hoge Raad van 8 juli 2003 (NJ 2003, 711) en het daarop gevolgde arrest van het EHRM van 23 maart 2006 (Van Vondel t. Nederland, 38258 EHRC 2006/80) waar het OM op heeft gewezen, zijn in de onderhavige situatie niet van toepassing. In die zaak bestond immers, anders dan hier het geval is, nog geen criminal charge op het moment dat de getuige onder ede werd gehoord.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a057c403048953f1fc19d170fc781d085570ac5c880cb8d577ad5e12a832ae33, en de alinea staat in dat document op bytes 21136 tot 21534.