Citaat | Rechtbank Amsterdam 23 december 2015
Onder 4.8.2. Rechtbank Amsterdam 23 december 2015
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 23 december 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:9312.
Vooropgesteld wordt dat de rechter, indien een daarop gericht verweer wordt gevoerd, dient te onderzoeken of in het concrete geval de handhaving van een intellectueel eigendomsrecht afstuit op een ander grondrecht. Weliswaar dient reeds bij de totstandbrenging van regelgeving betreffende intellectuele eigendom een juist evenwicht tussen de diverse grondrechten te worden verzekerd, maar dat laat onverlet dat ook de rechter in een hem voorgelegd geschil, indien de stellingen van de aangesproken partij daartoe aanleiding geven, dient te onderzoeken of in de omstandigheden van het geval bij toewijzing van de gevraagde maatregel, gelet op het beginsel van proportionaliteit, niet te zeer afbreuk wordt gedaan aan het grondrecht waarop de aangesproken partij zich beroept (HR 3 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:841).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52dfca8d2fa23e6e34ab2e17f1501c6e6c79a61152170b7a7e05b5c379f9b52f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52dfca8d2fa23e6e34ab2e17f1501c6e6c79a61152170b7a7e05b5c379f9b52f, en de alinea staat in dat document op bytes 38594 tot 39421.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52dfca8d2fa23e6e34ab2e17f1501c6e6c79a61152170b7a7e05b5c379f9b52f | shasum -a 256