Citaat | Rechtbank Amsterdam 24 februari 2016

Onder 4.11.26. Rechtbank Amsterdam 24 februari 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 24 februari 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:1018.

Naar de rechtbank begrijpt betwist de man het bestaan van deze schuld en stelt hij dat de vrouw door het overmaken van dit bedrag de gemeenschap heeft benadeeld. Naar het oordeel van de rechtbank is echter genoegzaam gebleken, mede door de door de vrouw overgelegde financieringsovereenkomst welke overeenkomt met de door de vrouw overgelegde hypotheekakte van de Rabobank ten aanzien van een financieringsaanvraag van fl. 35.000,-, dat er op 15 december 1994 een leningsovereenkomst is getroffen tussen de vrouw en haar ouders van 60.000 gulden. Daar komt bij dat de man niet heeft betwist dat hij vanaf 1995 tot en met 2000 nimmer huur of rente aan de vrouw heeft hoeven te betalen. In het licht daarvan is het enkele feit dat de lening nooit in een belastingaangifte is opgenomen onvoldoende om de stellingen van de vrouw ten aanzien van deze schuld te weerleggen. Deze schuld moet derhalve als een gemeenschapsschuld worden aangemerkt. Ingevolge de regel van artikel 1:97 lid 1 BW omtrent het bestuur van de gemeenschap stond het de vrouw vrij om deze gemeenschapsschuld af te lossen. Gelet hierop zal de rechtbank de verzoeken van de man ten aanzien van dit bedrag afwijzen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2102456636652c9bdb654191e5731ff75a8322b527c3b7341b90a0438b6f149a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2102456636652c9bdb654191e5731ff75a8322b527c3b7341b90a0438b6f149a, en de alinea staat in dat document op bytes 64562 tot 65754.