Citaat | Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016

Onder 4.1. Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:168.

Uit onderzoek komt naar voren dat [medeverdachte 1] , [verdachte] en [medeverdachte 2] in een grotere groep ‘verdachte’ personen te plaatsen zijn. Een CIE proces-verbaal dat in 2007 aan het onderzoeksteam is verstrekt, maakt melding van hen, [naam 1] , [naam 2] en een op dat moment nog onbekende man [naam 3] , van wie later is gebleken dat dit [medeverdachte] moet zijn. Deze mannen houden zich bezig met het plegen van liquidaties. De relaties uit dit CIE proces-verbaal worden bevestigd door diverse onderzoeksgegevens. Er blijken relaties te bestaan tussen onder meer [naam 4] , [naam 5] , [verdachte] , [medeverdachte 1] , [naam 1] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte] .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588, en de alinea staat in dat document op bytes 31901 tot 32597.