Citaat | Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016
Onder 4.3. Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:168.
De verdediging van [verdachte] heeft verzocht de fotoherkenning uit te sluiten van het bewijs en voert daartoe het volgende aan. Getuige [getuige 2] verklaart naarmate de tijd verstrijkt uitgebreider en gedetailleerder, hetgeen merkwaardig is onder meer omdat de gebeurtenis op zich nog geen twee minuten heeft geduurd en [getuige 2] de mannen misschien net geen minuut heeft gezien. Pas nadat [getuige 2] en [getuige 1] horen van de liquidatie, brengen zij hun waarnemingen omtrent de BMW in verband met die liquidatie die anderhalf uur later pas plaatsvond. De verdediging meent dat de herkenning onder die omstandigheden ruim 3,5 jaar na dato niet betrouwbaar is. Te meer daar [getuige 2] in februari 2007 niet aansloeg op de foto van [verdachte] . Voorts kan de herkenning niet als wettig bewijsmiddel worden gebruikt omdat bij de fotoconfrontatie in november 2007 bijna alle regels die zijn opgesteld voor het houden van een bewijsconfrontatie, met voeten zijn getreden. Door het schenden van die voorschriften is sprake van een onrechtmatige bewijsvergaring, hetgeen op grond van artikel 359a Sv tot bewijsuitsluiting moet leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588, en de alinea staat in dat document op bytes 60301 tot 61450.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588 | shasum -a 256