Citaat | Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016
Onder 4.3. Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 18 januari 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:168.
De rechtbank wil niet uitsluiten dat [naam 2] en/of [naam 1] bang waren dat [medeverdachte 1] na zijn aanhouding op 10 april 2006 over de zaak Endstra zou gaan verklaren, zoals [getuige] ter zitting heeft verklaard. Maar dan begeeft de rechtbank zich op het gebied van de speculatie en dat acht de rechtbank niet verantwoord. In het ergste geval heeft [getuige] over het bezoek aan het advocatenkantoor gelogen. In het gunstigste geval heeft zijn herinnering hem in de steek gelaten. Al met al is de rechtbank van oordeel dat op deze kwestie geen acht kan worden geslagen omdat [getuige] op dit punt niet als een betrouwbare getuige valt aan te merken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588, en de alinea staat in dat document op bytes 123951 tot 124616.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ec179b5f2ee1071ad7ab22ffd497edfd5f3aadf73ccdc06764e67575d9ee1588 | shasum -a 256