Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 april 2016

Onder 1 Rechtbank Amsterdam 11 april 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 april 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:2018.

De comparitie heeft plaatsgevonden op 9 maart 2016. Vliegers sub 2, 7, 9, 14, 19, 22, 29, 35, 43, 45, 55 en 58 zijn verschenen, vergezeld door mr. De Graaf. KLM is verschenen bij [naam 1] , vergezeld door mr. Van Slooten. Martinair is verschenen bij [naam 2] , [naam 3] en [naam 4] , vergezeld door mrs. Knipschild en Ridder. Voorafgaand aan de comparitie hebben alle partijen nog aanvullende stukken in het geding gebracht, te weten de vliegers bij brief van 26 februari 2016 met producties, Martinair bij brief van 17 december 2015 met productie en bij faxbericht van 29 februari 2016 met producties en KLM bij brief van 29 februari 2016 met producties. Partijen hebben ter zitting hun standpunten toegelicht, mede aan de hand van overgelegde pleitnotities. Ten slotte is vonnis gevraagd en is een datum voor vonnis bepaald.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5215d659e8404637694a0dc11ababf9bf438c82eba949e15adb1e81d5ba2637. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5215d659e8404637694a0dc11ababf9bf438c82eba949e15adb1e81d5ba2637, en de alinea staat in dat document op bytes 14050 tot 14928.