Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 januari 2016

Onder 6.11. Rechtbank Amsterdam 6 januari 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 januari 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:27.

De bestemming die Koole aan het terrein wil geven dient in de eerste plaats voldoende concreet te zijn, in die zin dat specifiek dient te worden aangegeven welke doelen Koole voor ogen heeft met welke delen van het door haar te huren terrein. Dergelijke voldoende concrete plannen zijn echter niet naar voren gebracht, niet in het informatiedocument waarop Chidda c.s. zich beroept en evenmin ter comparitie. Het informatiedocument geeft slechts in algemene zin de voornemens van Koole weer. Daarnaast maakt het informatiedocument niet afdoende duidelijk op welke wijze het terrein zal worden ingezet voor deze plannen. Onder punt 8.2.3. van het document staat dat ‘ het terrein zal worden ingericht conform nader uit te werken inrichtingsplan. Een eerste aanzet is gegeven met het bij deze notitie gevoegde vlekkenplan. Na uitvoering van de noodzakelijke onderzoeken zal worden gestart met uitwerking van de pre-engineering, wat tevens de basis kan vormen voor de verschillende vergunningaanvragen .” Blijkbaar dienen de plannen nog nader te worden uitgewerkt. Evenmin biedt het informatiedocument voldoende specifieke gegevens over de termijn waarbinnen Koole haar plannen wil verwezenlijken. Onder 8.2.3. van het informatiedocument staat weliswaar dat daartoe circa 70 werkweken noodzakelijk zullen zijn, maar welke werkzaamheden in die periode moeten worden verricht is niet duidelijk. Bovendien vermeldt het informatiedocument dat tot de berekening is gekomen ‘ Op basis van een aantal aannames ’. Welke aannames daarmee worden bedoeld, is niet nader toegelicht. Dat had wel op de weg van Chidda c.s. gelegen nu Chidda c.s. immers de stelling inneemt dat de plannen op dit moment voldoende concreet zijn en dat Koole spoedig met de uitwerking van die plannen wenst te starten. De rechtbank weegt hierbij mee dat het terrein, en dat is geen geschilpunt tussen partijen, in deplorabele toestand verkeert en dat daaraan aanzienlijke werkzaamheden dienen te worden verricht alvorens het terrein geschikt kan worden geacht voor ingebruikname. Dat impliceert dat er concrete werkzaamheden moeten worden verricht. In het informatiedocument staat onder 8.3.2. onder meer dat zo snel mogelijk moet worden gestart met ‘ Uitvoering van asbestsanering in bestaande opstallen ’ en ‘ Bouwrijp maken van het terrein ’. Daarmee is echter niet welomschreven uiteengezet op welke wijze de toestand van het terrein dusdanig kan worden verbeterd dat met de feitelijke werkzaamheden kan worden aangevangen. Ook te dien aanzien heeft Chidda c.s. niet gespecificeerd gesteld welke werkzaamheden nog moeten worden verricht en op welke termijn daarmee een aanvang kan worden genomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fc607beecd82ad6033e3523e4b90a90a7611861c5060117b21eab562105a0557. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fc607beecd82ad6033e3523e4b90a90a7611861c5060117b21eab562105a0557, en de alinea staat in dat document op bytes 42967 tot 45793.