Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 mei 2016
Onder 4.4.4 Rechtbank Amsterdam 11 mei 2016
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 mei 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:2817.
In de fouillering van [medeverdachte 3] is een PGP BlackBerry aangetroffen met een telefoonnummer eindigend op [nummer 2] . Het telefoonnummer is gebruikt van 6 november 2014 tot en met 1 februari 2015 en staat – net zoals de andere telefoons – op naam van [naam Spyshop] te Arnhem. [medeverdachte 3] heeft tijdens zijn verhoor bij de politie verklaard een zwarte BlackBerry bij zich te hebben gehad. Het e-mail adres van de BlackBerry (eindigend op [nummer 2] ) is [email adres 3] . In de aan verdachte toegeschreven BlackBerry is dit e-mail adres opgenomen onder de letter “ [letter 2] ”. Enkele bijnamen van [medeverdachte 3] beginnen een [letter 2] : [bijnaam verdachte 3] , [bijnaam verdachte 3] , [bijnaam verdachte 3] . Het voorgaande, in combinatie met de inhoud van de gesprekken met de medeverdachten brengt de rechtbank tot de conclusie dat [medeverdachte 3] de gebruiker was van deze PGP BlackBerry.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/07e7f3114718bd604edf75a6f5f58f49db20dbe0d016a9d336ee0e66ae91b2cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 07e7f3114718bd604edf75a6f5f58f49db20dbe0d016a9d336ee0e66ae91b2cd, en de alinea staat in dat document op bytes 25181 tot 26114.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/07e7f3114718bd604edf75a6f5f58f49db20dbe0d016a9d336ee0e66ae91b2cd | shasum -a 256