Citaat | Rechtbank Amsterdam 30 mei 2016

Alinea 36 Rechtbank Amsterdam 30 mei 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 30 mei 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:3568.

6. Allereerst wordt [gedaagde] niet gevolgd in haar verweer dat [eiser] geen beroep kan doen op de algemene bepalingen, nu deze niet aan haar zouden zijn verstrekt bij het ondertekenen van de huurovereenkomst noch nadien en zij deze heeft vernietigd. Gelet op hetgeen is opgenomen in de tussen partijen gesloten schriftelijke huurovereenkomst, gaat de kantonrechter ervan uit dat [gedaagde] de daarin genoemde algemene bepalingen heeft ontvangen, nu zij voor de ontvangst daarvan een afzonderlijke handtekening heeft geplaatst. [gedaagde] heeft hier onvoldoende tegenover gesteld om aan te nemen dat zij de algemene bepalingen niet heeft ontvangen. Ter zitting heeft [gedaagde] verklaard dat zij zich niet kan herinneren dat zij de papieren heeft getekend en verder dat zij de algemene voorwaarden niet heeft, aangezien zij deze niet heeft aangetroffen in het mapje waarin zij alle ontvangen stukken heeft gedaan. Voorts heeft zij tweemaal verklaard dat zij niet durft te zeggen dat ze de onderhavige papieren niet heeft ontvangen. Dit is onvoldoende om aan te nemen dat [gedaagde] de algemene bepalingen bij het aangaan van de overeenkomst niet heeft ontvangen. Derhalve wordt ervan uitgegaan dat [eiser] aan [gedaagde] een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de algemene bepalingen kennis te nemen, zodat vernietiging daarvan op grond van het bepaalde in artikel 6:233 onderdeel b BW niet mogelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73734aa14c995d75a284ac52c1f37b2ee94df6eff8feae5d42bfc09b78d58d42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73734aa14c995d75a284ac52c1f37b2ee94df6eff8feae5d42bfc09b78d58d42, en de alinea staat in dat document op bytes 16556 tot 17994.