Citaat | Rechtbank Amsterdam 30 mei 2016

Alinea 41 Rechtbank Amsterdam 30 mei 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 30 mei 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:3568.

11. Wat betreft de gevorderde boete wordt als volgt overwogen. Het beding op grond waarvan boete wordt gevorderd betreft een algemene voorwaarde. Nu gebleken is dat [gedaagde] een consument is, dient op grond van vaste rechtspraak van het Hof van Justitie te Luxemburg (HvJ EG arrest van 4 juni 2009, C-243/08; Pannon) ambtshalve te worden beoordeeld of het beding vanwege zijn onredelijk bezwarende karakter nietig is. Ingevolge artikel 3, lid 3 van de Richtlijn oneerlijke bedingen kunnen als oneerlijk worden aangemerkt onder meer de bedingen die zijn opgenomen in de bijlage bij deze richtlijn. Tot die bedingen behoort het beding (artikel 1 aanhef en onder e) dat tot doel of tot gevolg heeft ‘de consument die zijn verbintenissen niet nakomt, een onevenredig hoge schadevergoeding op te leggen.’ Nu in het beding waarop de gevorderde boete is gebaseerd geen limiet is gesteld aan de te verbeuren boete, kan, zoals in dit geval, de boete oplopen tot een bedrag dat in geen redelijke verhouding meer staat tot de geleden schade. Van matiging door de kantonrechter kan ingevolge het arrest van het Hof van Justitie van 30 mei 2013 C-488/11 (Asbeek Brusse c.s. versus Jahani) geen sprake zijn. Dit betekent dat op grond van artikel 3:40, lid 2 BW in verbinding met artikel 6:233 aanhef en onder a. BW het boetebeding nietig is. De op grond daarvan gevorderde boete wordt daarom afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/73734aa14c995d75a284ac52c1f37b2ee94df6eff8feae5d42bfc09b78d58d42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 73734aa14c995d75a284ac52c1f37b2ee94df6eff8feae5d42bfc09b78d58d42, en de alinea staat in dat document op bytes 22526 tot 23947.