Citaat | Rechtbank Amsterdam 17 juni 2016
Onder 4.3.1. Rechtbank Amsterdam 17 juni 2016
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 17 juni 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:3721.
De conclusie is dan ook dat aangeefster weliswaar niet op het eerst mogelijke en op het ogenschijnlijk meest voor de hand liggende moment, namelijk bij de aangifte, heeft gemeld dat zij door twee mannen is verkracht, maar dat dit haar aangifte niet onbetrouwbaar maakt, nu er andere bewijsmiddelen zijn die haar verklaring ondersteunen. Dat betekent dat de verklaring van verdachte dat aangeefster vrijwillig seks met hem en zijn mededader heeft gehad en dat daarbij geen geweld is toegepast, onaannemelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9d08e61ad530399fa73df8266ca38dcb3ab275cb74a4de12a19dbcac7d5ad6e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9d08e61ad530399fa73df8266ca38dcb3ab275cb74a4de12a19dbcac7d5ad6e, en de alinea staat in dat document op bytes 17563 tot 18086.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e9d08e61ad530399fa73df8266ca38dcb3ab275cb74a4de12a19dbcac7d5ad6e | shasum -a 256