Citaat | Rechtbank Amsterdam 23 juni 2016

Alinea 27 Rechtbank Amsterdam 23 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 23 juni 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:3804.

7. Onder verwijzing naar de rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling), zie bijvoorbeeld ECLI:NL:RVS:2014:4129 en ECLI:NL:RVS:2016:1425, kan ingevolge artikel 3:13, gelezen in verbinding met artikel 3:15, van het Burgerlijk Wetboek (BW), de bevoegdheid om bij een bestuursorgaan bezwaar te maken niet worden ingeroepen voor zover deze bevoegdheid wordt misbruikt. Deze artikelen verzetten zich tegen inhoudelijke behandeling van een bezwaar dat misbruik van recht behelst, en bieden een wettelijke grondslag voor niet-ontvankelijkverklaring van een zodanig bezwaar. Daartoe zijn zwaarwichtige gronden vereist, die onder meer aanwezig zijn indien rechten of bevoegdheden zodanig evident zijn aangewend zonder redelijk doel of voor een ander doel dan waartoe zij gegeven zijn, dat het aanwenden van die rechten of bevoegdheden blijk geeft van kwade trouw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f804d4a8667898f30e512d4521f46fdebf329cd8be67ac505618962c45e375b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f804d4a8667898f30e512d4521f46fdebf329cd8be67ac505618962c45e375b, en de alinea staat in dat document op bytes 8679 tot 9587.