Citaat | Rechtbank Amsterdam 23 juni 2016

Alinea 31 Rechtbank Amsterdam 23 juni 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 23 juni 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:3804.

11. De rechtbank neemt ook in aanmerking dat het procesgedrag van de gemachtigde blijk geeft van handelingen waarvan hij geweten moet hebben dat die een tijdige besluitvorming onnodig konden bemoeilijken. Het verzoek is zo geformuleerd dat het voor verweerder niet mogelijk is om er volledig en adequaat op te kunnen beslissen. Onduidelijk is wat wordt bedoeld met ‘documenten die zien op scholing en bekwaamheid’ en met ‘andere documenten waarvan u bekend is dat deze betrekking hebben op de genoemde bestuurlijke aangelegenheid’. De vaagheid van het verzoek doet afbreuk aan de doelen waartoe het beweerdelijk is ingediend en maakt de op het verzoek te nemen besluiten onnodig extra vatbaar voor discussie in bezwaar- en beroepsprocedures. Verwezen wordt naar de uitspraak van de Afdeling van 8 juni 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:1585), waarin een gelijkluidend Wob-verzoek aan de orde was.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f804d4a8667898f30e512d4521f46fdebf329cd8be67ac505618962c45e375b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f804d4a8667898f30e512d4521f46fdebf329cd8be67ac505618962c45e375b, en de alinea staat in dat document op bytes 11761 tot 12667.