Citaat | Rechtbank Amsterdam 29 september 2016

Onder 4.1 Rechtbank Amsterdam 29 september 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 29 september 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:6187.

Verweerder stelt zich op het standpunt dat eisers de woning aan de [adres] op de begane grond (hierna: de woning) aan de bestemming tot bewoning hebben onttrokken, zonder dat zij daartoe een vergunning hadden. Vanaf het overlijden van de laatste permanente huurder op 1 maart 2013, wordt de woning niet langer bewoond in de zin van de Huisvestingswet. Eiser heeft zijn hoofdverblijf immers in Driehuis. De woning wordt dus gebruikt voor hoteldoeleinden en wordt bedrijfsmatig per nacht verhuurd. Eisers hebben daarmee artikel 30, eerste lid, van de Huisvestingswet overtreden. Verweerder meent dat eisers beide als overtreder kunnen worden aangemerkt. Eiser is eigenaar van de woning en eiseres is deels eigenaar en verhuurde het pand feitelijk. Hoewel een zogenaamde tweede woning in de zin van artikel 1, onder x, van de Verordening buiten de vergunningplicht valt, kan van een tweede woning alléén sprake zijn als deze niet wordt (door)verhuurd aan een derde. De woning kan daarom niet als tweede woning in voormelde zin worden aangemerkt, zoals door eisers wordt gesteld. Ten overvloede merkt verweerder op dat eiseres heeft verklaard dat de woning ongeveer vier maanden per jaar aan toeristen wordt verhuurd, zodat ook geen sprake is van incidentele verhuur. Dat door eiser wel toeristenbelasting werd betaald, maakt tot slot niet dat van beboeting dient te worden afgezien. Verweerder ziet tot slot geen aanleiding de boetes te matigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a108e8437eeedd5eea3c0b61690b6645b0033892f46baa13056dc8e7c446ab45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a108e8437eeedd5eea3c0b61690b6645b0033892f46baa13056dc8e7c446ab45, en de alinea staat in dat document op bytes 15927 tot 17384.