Citaat | Rechtbank Amsterdam 4 november 2016

Alinea 98 Rechtbank Amsterdam 4 november 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 4 november 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:6669.

21. Voor de toewijsbaarheid van de gevorderde buitengerechtelijke kosten is onder meer vereist dat Q-Park [gedaagde] heeft aangemaand conform artikel 6:96 lid 6 BW. Onderdeel van die aanmaning dient te zijn een correcte vermelding van het krachtens artikel 6:96 lid 5 BW verschuldigde bedrag aan buitengerechtelijke kosten. De brief van 6 november 2015 voldoet daar niet aan. Met de in die brief genoemde hoofdvordering van € 10.248,00 strookt immers een bedrag aan buitengerechtelijke kosten van € 877,48, terwijl in de brief een bedrag van € 1.537,20 wordt genoemd. De vordering van buitengerechtelijke kosten zal daarom worden afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e9cfa3f5a620f326e736d669b2f41809303a41a1aabecdb568c1c1cb58439b5c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e9cfa3f5a620f326e736d669b2f41809303a41a1aabecdb568c1c1cb58439b5c, en de alinea staat in dat document op bytes 37148 tot 37807.