Citaat | Rechtbank Amsterdam 16 november 2016
Onder 4.30. Rechtbank Amsterdam 16 november 2016
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 16 november 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:7377.
Zoals hiervoor onder 4.24 is overwogen, is Mope Holding c.s. uiterlijk op 26 oktober 2010 uitdrukkelijk bekend geworden met alle eigenschappen waaromtrent zij stelt onvoldoende te zijn voorgelicht. Nadat zij eind 2009 geconfronteerd was met de negatieve marktwaarde en een tussentijdse opslagverhoging (althans een hogere opslag bij het oversluiten van de lening naar privé), hebben [eiser 2] en [eiser 3] er niettemin voor gekozen om de renteswap te continueren. Ook met een verhoging van het Afgesproken Bedrag op 26 oktober 2010 zijn zij akkoord gegaan. Dit betekent dat Mope Holding c.s. binnen “bekwame tijd” daarna had moeten klagen. Niet is gebleken dat zij dat, op een voldoende duidelijke manier, heeft gedaan. Rabobank stelt dat Mope Holding c.s. in het geheel niet heeft geklaagd vóór 2014 en dat de inhoud van de klachten van Mope Holding c.s. eerst duidelijk werd met de brief van haar advocaat van 29 juli 2014 waarbij een concept van de dagvaarding was gevoegd (waarin de vorderingen overigens alleen waren gebaseerd op de Euribormanipulatie en niet op dwaling of onvoldoende voorlichting over de mogelijkheid van een negatieve marktwaarde, het Afgesproken Bedrag of anderszins – hierover werd voor het eerst geklaagd in de uitgebrachte dagvaarding van 10 oktober 2014). Rabobank wijst er terecht op dat de stellingen van Mope Holding c.s. ten aanzien van het “klagen” weinig duidelijk en consistent zijn. Mope Holding c.s. stelt in ieder geval niet hoe en wanneer zij zich heeft beklaagd over het feit dat de renteswap een negatieve marktwaarde had ontwikkeld op het moment dat De [bedrijf 1] werd verkocht en Mope Holding haar lening wilde aflossen. [eiser 2] en [eiser 3] hebben de renteswap overgenomen omdat zij de negatieve marktwaarde die bij beëindiging had moeten worden vergoed, niet wilden betalen. Dat dit onder uitdrukkelijk protest is gebeurd is niet, althans onvoldoende gebleken. Als Mope Holding c.s. op dat moment daadwerkelijk voor het eerst was geconfronteerd met het feit dat de renteswap een negatieve waarde kon ontwikkelen, had het toch voor de hand gelegen dat zij haar verbazing daarover had uitgesproken. Zoals hiervoor is overwogen, is het in artikel 6:89 BW bedoelde protest weliswaar vormvrij, maar moet de schuldeiser in beginsel wel duidelijk maken waar zijn klacht op ziet. Al het voorgaande betekent dat Mope Holding c.s. onvoldoende duidelijk heeft geklaagd, althans onvoldoende (gemotiveerd) heeft gesteld dat en hoe zij dat heeft gedaan. Voorts geldt dat als Mope Holding c.s. meende dat het in rekening brengen van de negatieve marktwaarde in strijd met de gemaakte afspraken – of in ieder geval volkomen onverwacht – was, zij in ieder geval nader onderzoek had moeten doen, bijvoorbeeld door een deskundige (een advocaat of financieel adviseur) te raadplegen. Nu zij dit alles niet heeft gedaan, heeft zij haar recht om – jaren later – alsnog hierover te klagen verspeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6d846d02e2c5d1cd5e3c563badcc44f9114548e926cc74d77e934722a70a173d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6d846d02e2c5d1cd5e3c563badcc44f9114548e926cc74d77e934722a70a173d, en de alinea staat in dat document op bytes 76831 tot 79794.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6d846d02e2c5d1cd5e3c563badcc44f9114548e926cc74d77e934722a70a173d | shasum -a 256