Citaat | Rechtbank Amsterdam 14 december 2016

Onder 4.12. Rechtbank Amsterdam 14 december 2016

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 14 december 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:8264.

Het UNESCO-verdrag 1970 heeft tot doel een minimum niveau van uniforme bescherming van cultureel erfgoed en wederzijdse samenwerking en solidariteit te bereiken onder de verdragsstaten. Het verdrag is – zo heeft ook de Nederlandse wetgever vastgesteld – “vaak vaag of dubbelzinnig” geformuleerd. Het doel van het UNESCO-verdrag 1970 (en de andere hiervoor onder 4.3 genoemde regelingen) is het behouden van het culturele erfgoed voor – en zo nodig terugbrengen naar – het land van herkomst. Aan dit doel zou geen recht worden gedaan als wordt vastgehouden aan de letterlijke tekst van artikel 6.3 Erfgoedwet en een strikte uitleg van de bepalingen van het UNESCO-verdrag 1970. Ook Patrick J. O’Keefe stelt in zijn commentaar op het UNESCO-verdrag 1970 (dat door de Nederlandse wetgever als “gezaghebbend” is aangemerkt ) vast dat de tekst van het Verdrag (mede door de inbreng van een vertegenwoordiger van de Verenigde Staten) niet altijd duidelijk is. Hij bepleit een uitleg van het verdrag die in overeenstemming met artikel 31 WVV aan de (soms vage) bepalingen van het verdrag zoveel mogelijk betekenis beoogt te geven. Hij schrijft bijvoorbeeld op pagina’s 30 en 31:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41c6c42a76486dd3d542fdd855dfcec5c9cd170969801149d56081185327bec4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41c6c42a76486dd3d542fdd855dfcec5c9cd170969801149d56081185327bec4, en de alinea staat in dat document op bytes 50364 tot 51759.