Citaat | Rechtbank Amsterdam 28 december 2016
Onder 4.5. Rechtbank Amsterdam 28 december 2016
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 28 december 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:9633.
( III) dienen, mede gelet op de in rechtsoverweging 3.7.2 van het arrest van de Hoge Raad der Nederlanden van 19 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY6108 (Koot Beheer/Tideman q.q.) geformuleerde rechtsregel, de vorderingen van een schuldeiser die voortvloeien uit een op de dag waarop aan de schuldenaar surseance van betaling is verleend reeds met deze bestaande rechtsverhouding maar die zijn ontstaan op of na die dag, althans op of na de dag waarop de schuldenaar in staat van faillissement is verklaard, maar steeds vóór de dag waarop het faillissement eindigt, in het faillissement te worden erkend;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4eed5b674112a2c15a6f77678eeb3c764c61fb10d007ac53d727048663091de5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4eed5b674112a2c15a6f77678eeb3c764c61fb10d007ac53d727048663091de5, en de alinea staat in dat document op bytes 20632 tot 21246.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4eed5b674112a2c15a6f77678eeb3c764c61fb10d007ac53d727048663091de5 | shasum -a 256