Citaat | Rechtbank Amsterdam 8 maart 2017

Onder 4.9. Rechtbank Amsterdam 8 maart 2017

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 8 maart 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:1302.

[eiser] verwijt de bank voorts dat niet is gewaarschuwd voor het risico van de negatieve waarde (a.). De negatieve waarde heeft zich geopenbaard (en is ook betaald) in juni 2010 (2.7). Naar aanleiding van het verweer van de bank dat de verjaring van artikel 3:52 lid 1 onder c BW daarom in juni 2013 is voltooid, heeft [eiser] ter comparitie aangevoerd dat hij zich pas in 2015 tot een advocaat heeft gewend en dat hij voordien geen duidelijk beeld had van de renteswap, de werking ervan en de daaraan verbonden risico’s. Voor de aanvang van de verjaringstermijn met betrekking tot een beroep op dwaling ter zake van de negatieve waarde is echter bepalend wanneer [eiser] op de hoogte is geraakt van die negatieve waarde. Op dat moment wist [eiser] of de bank hem over die negatieve waarde had geïnformeerd of niet; nader onderzoek naar de werking en de risico’s van de renteswap was daarvoor niet vereist, zodat de conclusie moet zijn dat de vordering tot vernietiging wegens een wilsgebrek na juni 2013 was verjaard op grond van artikel 3:52 lid 1 onder c BW. Zulks neemt echter niet weg dat de kwestie van de negatieve waarde ook in het kader van het beroep op de zorgplichtschending aan de orde kan komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e452e654841eb87f7e83bd7f233d97d41591382fd6d4b98c33336be1b119717. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e452e654841eb87f7e83bd7f233d97d41591382fd6d4b98c33336be1b119717, en de alinea staat in dat document op bytes 27530 tot 28768.