Citaat | Rechtbank Amsterdam 3 mei 2017

Onder 4.17. Rechtbank Amsterdam 3 mei 2017

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 3 mei 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:2970.

Partijen verschillen van mening over de vraag of het risico van een negatieve marktwaarde besproken is. Naar het oordeel van de rechtbank is de omstandigheid dat dit risico in de aan [eiser] verstrekte documentatie is vermeld als zodanig onvoldoende. Dan komt het dus aan op wat partijen bij de powerpointpresentatie hebben besproken. Deutsche heeft echter daarnaast gesteld dat [eiser] (ook) ten aanzien van dit onderdeel niet tijdig heeft geklaagd danwel dat de vordering is verjaard. Deutsche heeft erop gewezen dat [eiser] primair al bij het aangaan van de renteswap in 2007 op de hoogte was of behoorde te zijn van het risico van een negatieve marktwaarde. Subsidiair heeft Deutsche gesteld dat [eiser] in 2009 op de hoogte was van het risico van een negatieve marktwaarde. Deutsche heeft betoogd dat toen [relatiemanager] in 2013 desgevraagd liet weten hoe hoog de negatieve marktwaarde op dat moment was, [eiser] reageerde met de opmerking dat dit duurder was dan vier jaar daarvoor (dus in 2009). Vervolgens heeft [eiser] pas in 2014 geklaagd. Dat is volgens Deutsche te laat, mede omdat zij door de late klacht van [eiser] is geschaad in haar bewijspositie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9fd671fd4e66e59bf45f3e6929eb8f72a0634e74dc759c9c882f929267a2712e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9fd671fd4e66e59bf45f3e6929eb8f72a0634e74dc759c9c882f929267a2712e, en de alinea staat in dat document op bytes 43077 tot 44256.