Citaat | Rechtbank Amsterdam 4 april 2017
Onder 5.4 Rechtbank Amsterdam 4 april 2017
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 4 april 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:2972.
7. Hieruit volgt dat de rechtbank niet overtuigd is door verweerders toelichting dat de handelswijze bij het verstrekken van toevoegingen bij een TOM-zitting (of strafbeschikking) verschilt van het opleggen van de handelswijze bij een opgelegde bestuurlijke boete, omdat geen sprake zou zijn van gelijke gevallen. Dat betekent dat verweerder er niet in is geslaagd het motiveringsgebrek te herstellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d303a0eddf2de19e10af056eb6fe07810d2f7e2c679cfe3b94db826c43a0ce19. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d303a0eddf2de19e10af056eb6fe07810d2f7e2c679cfe3b94db826c43a0ce19, en de alinea staat in dat document op bytes 15663 tot 16078.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d303a0eddf2de19e10af056eb6fe07810d2f7e2c679cfe3b94db826c43a0ce19 | shasum -a 256