Citaat | Rechtbank Amsterdam 26 juli 2017

Onder 3.1. Rechtbank Amsterdam 26 juli 2017

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 26 juli 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5360.

Foot Locker vordert, kort weergegeven, dat ING bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad wordt veroordeeld tot betaling van primair € 1.695.568,57 en subsidiair € 863.332,76 aan Foot Locker Europe en primair € 81.333,45 en subsidiair € 77.048,28 aan Foot Locker Netherlands, vermeerderd met een bedrag dat op GFI verhaald zou zijn als ING de rekeningen van GFI had geblokkeerd en vermeerderd met rente en kosten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d643214b500e7558721c32fbf0f84ca45edfa23c58d5071011bdb36df13509a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d643214b500e7558721c32fbf0f84ca45edfa23c58d5071011bdb36df13509a, en de alinea staat in dat document op bytes 24925 tot 25352.