Citaat | Rechtbank Amsterdam 26 juli 2017
Onder 4.4. Rechtbank Amsterdam 26 juli 2017
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 26 juli 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5360.
Dit is naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende en kan niet worden aangemerkt als een naar de omstandigheden van dit geval voldoende voortvarend onderzoek. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat de geldstromen over de rekening van [naam] vanaf het begin onaannemelijk groot waren en er rond 5 februari 2015 geen tekenen waren dat ze zouden afnemen. Voor ING, althans de medewerkers die zich met het dossier bezig hielden, moest duidelijk zijn dat – indien sprake was van fraude – de schade voor de benadeelde snel zou oplopen. Niet is duidelijk waarom ING [naam] niet op een minder vrijblijvende manier om uitleg kon vragen. Zo had zij, indien zij hem een veel kortere termijn had gegeven voor het geven van uitleg of indien zij telefonisch contact met hem had opgenomen via het bij de aanvraag van de rekening door hem opgegeven 06-nummer, eerder kunnen nagaan of haar twijfels terecht waren in welk geval zij actie had kunnen ondernemen om de schade voor Foot Locker te beperken, bijvoorbeeld door de rekening van Ups te blokkeren. Dat ING verplicht is tot geheimhouding van de melding aan de FIU staat daaraan niet in de weg.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d643214b500e7558721c32fbf0f84ca45edfa23c58d5071011bdb36df13509a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d643214b500e7558721c32fbf0f84ca45edfa23c58d5071011bdb36df13509a, en de alinea staat in dat document op bytes 31524 tot 32675.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d643214b500e7558721c32fbf0f84ca45edfa23c58d5071011bdb36df13509a | shasum -a 256