Citaat | Rechtbank Amsterdam 3 februari 2017
Alinea 41 Rechtbank Amsterdam 3 februari 2017
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 3 februari 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:571.
5. De stichting heeft voor alle weren betoogd dat [eiser] niet ontvankelijk moet worden verklaard in zijn vordering, omdat de vordering in kort geding niet gelijktijdig is ingediend met het verzoekschrift in de bodemprocedure en dat daarom geen gelijktijdige behandeling van beide procedures kan plaatsvinden, terwijl dit wel het uitgangspunt is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd2ee7b2e05433bbff3a52849c8aca5b8d1104262bd4e13b25d0a7f3b95c3816. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd2ee7b2e05433bbff3a52849c8aca5b8d1104262bd4e13b25d0a7f3b95c3816, en de alinea staat in dat document op bytes 13494 tot 13853.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd2ee7b2e05433bbff3a52849c8aca5b8d1104262bd4e13b25d0a7f3b95c3816 | shasum -a 256