Citaat | Rechtbank Amsterdam 3 februari 2017
Alinea 43 Rechtbank Amsterdam 3 februari 2017
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 3 februari 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:571.
7. In dit kort geding dient te worden beoordeeld of de in deze zaak aannemelijk te achten omstandigheden een ordemaatregel vereisen dan wel of de vorderingen van [eiser] in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen hebben dat het gerechtvaardigd is op de toewijzing daarvan vooruit te lopen door het treffen van een voorziening zoals gevorderd. In het onderhavige geval komt het er in de kern op neer of het aannemelijk is dat in de bodemprocedure zal worden geoordeeld dat er na 22 november 2016 nog een arbeidsovereenkomst bestaat tussen partijen en zo ja, of het aannemelijk is dat de bodemrechter zal oordelen dat die vervolgens door een opzegging is geëindigd per 1 februari 2017. Het navolgende behelst dan ook niet meer dan een voorlopig oordeel over het geschil tussen partijen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd2ee7b2e05433bbff3a52849c8aca5b8d1104262bd4e13b25d0a7f3b95c3816. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd2ee7b2e05433bbff3a52849c8aca5b8d1104262bd4e13b25d0a7f3b95c3816, en de alinea staat in dat document op bytes 14635 tot 15441.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd2ee7b2e05433bbff3a52849c8aca5b8d1104262bd4e13b25d0a7f3b95c3816 | shasum -a 256