Citaat | Rechtbank Amsterdam 2 februari 2017
Onder 6.4. Rechtbank Amsterdam 2 februari 2017
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 2 februari 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:646.
Sinds november 2016 zijn de onderhandelingen over het RJ akkoord opgepakt en sindsdien hebben zich verschillende belangrijke positieve ontwikkelingen voorgedaan die de kans van slagen van het RJ akkoord en het Nederlandse akkoord vergroten. Het intrekkingsverzoek van de bewindvoerder doet geen recht aan deze ontwikkelingen. Bovendien hebben zich sinds de datum van het verzoek tot het uitspreken van de voorlopige surseance van betaling – toen de bewindvoerder de parallelle herstructurering in Nederlands en Brazilië nog volledig steunde – geen omstandigheden voorgedaan die van wezenlijke invloed zouden kunnen zijn op de beslissing van de bewindvoerder om het ingezette proces niet langer te steunen. De schuldeisers van PTIF lopen geen risico als de aan haar voorlopig verleende surseance van betaling wordt voortgezet. Er gebeurt immer niets met het actief van PTIF, of de boedel in ruimere zin, en er zijn ook geen onomkeerbare stappen voorzien op korte termijn. Daarnaast kan PTIF ook op grond van het Braziliaanse recht niet vrijelijk vermogensbestanddelen vervreemden (zoals opbrengsten gebruiken of vermogen liquideren). Zij is immers een van de entiteiten die is onderworpen aan (het toezicht van de Braziliaanse rechter in) de RJ procedure.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/163941a7b7f8873f6b8f43d8a590e03ab67ccdfa70c5d3a44df2a07ea51933b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 163941a7b7f8873f6b8f43d8a590e03ab67ccdfa70c5d3a44df2a07ea51933b7, en de alinea staat in dat document op bytes 31092 tot 32364.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/163941a7b7f8873f6b8f43d8a590e03ab67ccdfa70c5d3a44df2a07ea51933b7 | shasum -a 256